Search By Tags

Grove leugens, - een pleidooi voor traagheid

March 7, 2017

Het was een van betekenis zwangere foto: het bedieningspaneel van een lift, ergens in de Lage Landen. In de relatief recente liftkooi is de meest afgesleten bedieningsknop die waarmee je de liftdeuren dichtdoet. Die deuren gaan ook dicht zonder dat je op de knop drukt, alleen duurt het dan wat langer. Pak ‘m beet een seconde of vijf, - en die tijd kunnen we blijkbaar niet meer opbrengen. Telkens wanneer de lift op een etage halt houdt, rammen we op die knop. Hup, voortmaken, we hebben haast…

 

Dat iemand haast heeft, is misschien een enkele keer het geval. Meestal is er iets anders in het spel, een endemische onrust, een soort horror vacui, - of in elk geval de angst om langer dan een minuut in een zone te zitten waar geen wifi-signaal is. Na iedere nieuwe pasversnelling denk ik “het moet niet gekker worden”. En toch stap ik duchtig mee in de tredmolen, goedschiks-kwaadschiks, met de moed der wanhoop soms.

 

Op mijn professionele pad word ik drie keer met endemische onrust – of een storend gebrek aan traagheid geconfronteerd. De eerste keer is wanneer ik oog in oog kom met een standmedewerker die nét iets te veel pep opgelepeld kreeg: “Goeiemorgen-zit-u-in-de-labobranche-dá-ag!” Ik was nog volop bezig met de begroeting te beantwoorden en ik word al wandelen gestuurd. Ik gehoorzaam aan het marsbevel en zet mijn weg verder.  Wanneer het me drie keer kort na elkaar overkomt, ga ik een half uur in de perszaal zitten mokken.

 

Soms mag ik blijven van zo’n standmedewerker-op-speed, voor iets wat hij of zij omschrijft als een standgesprek en ik niet. Dat gaat zo: hij/zij stelt vragen, ik geef antwoord ; en halfweg dit kruisverhoor begint hij/zij van het ene been op het andere te balanceren. Hoe harder je probeert er niet op te letten, hoe erger het gewiebel wordt. Soms wordt het zo gortig dat ik zelf de handdoek in de ring gooi. Ik was hier gestopt omdat ik oprecht verrast was door jullie slogan en er graag wat meer wou over weten. Ach, laat maar…

 

Een derde vorm van ongeduld vinden we terug in de managementlagen boven de projectmanager, c.q. standverantwoordelijke, bij de dames en heren die over de budgetten gaan. We moeten er niet flauw over doen: driekwart van het management heeft zijn twijfels over de return-on-investment van beursdeelnames. Onterecht, uiteraard. Met de vinger naar het medium wijzen wanneer de resultaten tegenvallen is wel erg makkelijk. (nota aan mezelf: schrijf eens een stuk over het begrip ‘medium’ om aan te tonen dat het probleem élders zit.) 

 

Gisteren las ik een merkwaardig persbericht: een niet nader te noemen ministerie van een niet nader te noemen land had geïnvesteerd in een niet nader te noemen vakbeurs voor niet nader te noemen landbouwgoederen. De beurs was nog bezig, maar huppeké, daar was het persbericht al: de export van die koopwaar was met -tig miljoen dollar toegenomen. Klinkt mooi, maar ’t is een grove leugen.  Zeker voor een complex artikel als voeding kan het effect pas lang na afloop van de beurs becijferd worden. Dus ofwel waren die miljoenendeals al voor de beurs bedisseld, ofwel heeft de persvoorlichter wensen vermenigvuldigd met verwachtingen en optimistische voorspellingen. Wellicht heeft hij, willens nillens, toegegeven aan de endemische onrust in de directielokalen op de bovenste verdieping en gauwgauw iets rondgetoeterd waarvan een kind weet dat het niet waar kan zijn.

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

  • Facebook Black Round
  • Google+ - Black Circle
  • Twitter - Black Circle

© 2023 by Walkaway. Proudly created with Wix.com

  • Facebook Social Icon
  • LinkedIn Social Icon
  • Twitter Social Icon